Datahandel is de nieuwe porno

basic1-114_user_man Stef Heutink

Facebook verloor miljarden dollars door het recente privacy-schandaal. Lekken, hacken en handelen van klantdata beschadigen elke reputatie. Tenzij je een databeleid ontwikkelt als onderdeel van je maatschappelijk verantwoord ondernemen. De eerste best practice is er al.

Nog maar weinig bedrijven omarmen openlijk de nieuw privacywetgeving. De AVG werd van kracht op 25 mei. Bedrijven die slordig omgaan met persoonsgegevens, worden vanaf dan hard aangepakt. Deze wet komt na jaren van datalekken en privacy-schandalen, waarbij dat van Facebook de kroon spant. Baas Zuckerberg moest op het matje komen in het Amerikaanse Congres, terwijl de miljarden die het bedrijf waard was in rook opgingen.

Datahandel is vuile handel

In ons land barstte vier jaar geleden de bom. ING werd vol geraakt, nadat zij trots had verkondigd klantdata te gaan verkopen aan grote bedrijven als Albert Heijn. De bank werd neergesabeld in de media. Schielijk trok zij het plan weer in.

Sindsdien gelden persoonsgegevens als vuile handel, vergelijkbaar met porno. Iedereen vraagt ernaar, je kan er dik aan verdienen, maar toch ben je als leverancier goor. Ongeacht of het gaat om een lek, een hack of keiharde handel, zodra je bedrijfsnaam wordt vereenzelvigd met persoonsgegevens, zit je in de verdachtenbank. Manipuleren, obscuur, sollen met klanten en medewerkers, zo heet het.

Het zijn dodelijke etiketten voor elke organisatie die zich presenteert als de beste maatschappelijk verantwoorde leerling in de klas. Alle investeringen in PR en reputatie liggen in het water. Reeds in 2015 stapten bedrijven naar de rechter om te voorkomen dat het College Bescherming Persoonsgegevens (CPB) zou onthullen dat ze privacyregels schonden.

Schandalen uit het verleden

Toch wordt het ene na het andere bedrijf betrapt. VUmc verkocht privacy van patiënten ooit aan RTL. Begin dit jaar werd vervoersmaatschappij Transvision ontmaskerd als datahandelaar. In april was de Kamer van Koophandel de klos. De verleiding is nu eenmaal te groot, want persoonsgegevens zijn duurder dan goud en ivoor. Wereldwijd gaat er naar schatting 150 miljard dollar in om.

Maar een obscure reputatie veroorzaakt forse schade. Data-analist Cambridge Analytica ging onlangs failliet in de nasleep van het Facebook-schandaal. Bij VUmc ruimden alle bestuurders het veld, na de roemruchte deal met RTL, dat met draaiende camera’s kermende patiënten op de buis wilde brengen.

Neem als merk de regels in acht

Wil je een kostbare kras op je reputatie voorkomen, vraag je dan af hoe je als merk wil omgaan met data van klanten en medewerkers. Wil jij het Fort Knox zijn voor persoonsgegevens, draag dit dan uit. Veilig met persoonsgegevens past in het rijtje van het papierloze kantoor en het energie-neutrale bedrijf.

Dat wil niet zeggen dat je niets met data mag doen, zolang je de regels in acht neemt. Laat zien waar je de klantdata voor gebruikt. Laat ook zien wat je klanten ervoor terugkrijgen. Iedereen heeft voordeel, niemand ondervindt nadeel, dat moet de oprechte en aantoonbare boodschap zijn. ‘Wij bieden u deze korting aan dankzij uw klantgegevens’, het is een gewaagde maar ook een eerlijke uiting die we nog dit jaar zeker zullen horen.

Hoopgevend is de aankondiging in april van de Redmore Group – een financiële dienstverlener in ons land – dat zij klaar is voor de nieuwe privacywet. Het bedrijf zegt verantwoord om te kunnen gaan met data van klanten. Dat het menens is blijkt wel uit de aanstelling van een heuse data protection officer. We weten echter nog niet wat Redmore gaat doen met persoonsgegevens. Maar het vertrouwen is al wel gewekt.

Dit artikel is, in geredigeerde vorm, ook te vinden in Marketing Rendement 6-2018.

  • Alles op deze site mag eindeloos gedeeld en gebruikt worden